Gepost door: Ruth | 4 oktober, 2011

Alle hens aan dek.

’t Zal u misschien verbazen, na al die weken stilte, geen teken van leven, niksnoppesnougabolle. Maar ik leef dus nog. En ik had het (hoe vaak heb ik dit excuus al wel niet gebruikt?) drukdrukdruk. Maar echt heel druk.

In een notendop:
- Ik ging naar de Elzas. Vlak daarvoor gaf ik mijn laatste teken van leven. In de Elzas, beste mensen, daar was het goed. En warm. Op een kleine 4 uur van de Kempen bevonden wij ons in subtropische sferen van 35°, terwijl heel Vlaanderen aan het verpieteren was. Het was zelfs zo warm dat wij van ons logeerplan zijn afgeweken en via onze Trotter op een camping met prachtig groot meer zijn terechtgekomen. Wij wijken niet snel af van ons plan, dus het was écht heel warm.
- In de Elzas was er ook lekkere wijn. En veel wijn. Hmmm.
- Eén van mijn katten verdween terwijl ik in de Elzas zat. Drama!
- Na de Elzas kwam ik onmiddellijk terecht op een liefdesfeest (dat is zo’n feest voor mensen die niet willen trouwen maar toch willen feesten) in de Westhoek, alwaar ik wederom mijn kampeermateriaal kon bovenhalen, om zo om 4u ’s nachts te genieten van DJ-beats. Jihaaaa.
- Na het liefdesfeest kwam ik weer terecht op mijn werk en mocht ik weer innige banden smeden met BV’s. Ik zeg het u, ik weet tegenwoordig meer dan de Story en de Dag Allemaal samen.
- Mijn kat kwam terug, vijf dagen nadat ik terug was van de Elzas! Een vermissing van drie weken, met als gevolg een graatmager beestje en een staart die zo kapot als iets was. Sinds een kleine maand gaat mijn kat nu dus staartloos door het leven, na een professionele amputatie. Niet zo elegant, wel nog altijd even lief. Ja, sommige verhalen hebben toch een mooie afloop.
- Ik ben ook een dag naar Engeland geweest. Zo op en af met de boot. Als een echte jetsetlady alsof het niks is. Even naar Dover Castle en terug. Hoppaaaa. Dover Castle is trouwens tof, maar je moet wel zien dat je je ferry terug niet te vroeg boekt, want er iets te veel te zien.
- Ook ben ik nog een dag gaan shoppen in Brugge met de petit copain, iets wat je eigenlijk toch best niet moet doen op een zaterdag, en zeker niet als ’t mooi weer is. TOERISTENINVASIE.
- En voor de verjaardag van de Petit copain ben ik ook nog met de schoonfamilie gaan vijf-gangen-dineren in Etaples (dat is boven Le Touquet – ja, ik begin echt jetset te worden) en daarna gaan wandelen op de dijk van Gravelines (iets minder jetset, wel tof).
- Ah, en ik bezocht ook het kasteel van Booischot (jetset bereikt duidelijk zijn hoogtepunt).
Ondertussen zit ik nog x aantal avonden per week in culturele centra, probeer ik mijn petit copain tussen de soep en de patatten ook nog even te zien (zoals in Etaples en in Brugge) en heb ik het dus drukdrukdruk. Maar genoeg over mij, hoe gaat het met u?

Gepost door: Ruth | 11 augustus, 2011

‘t Was weer druk…

…de afgelopen 2,5 weken.

Ik ging dagtrippen in De Panne – en ook een beetje in Sint-Idesbald, want daar stond mijn petit copain op het strand mensen te redden.

Ik werd een jaartje ouder.

Ik was enkele dagen ziek, waaronder de dag dat ik een jaartje ouder werd.

Mijn vader werd ook een jaartje ouder (60 hele lentes, howlapowla).

Mijn vriendje ontvoerde mij naar de Cap Blanc-Nez voor een picknick, die voortijdig in het water viel door regen (want het is zomer) en waardoor we verder trokken naar aquarium Nausicaa. Helaas had iedereen in Boulogne-sur-Mer hetzelfde idee, dus moesten we een half uur zoeken naar een parkeerplaats en waren er binnen heel veel gillende kindjes (ik had een beetje medelijden met de pinguïns), grote buggy’s, stinkende mensen maar gelukkig ook veel vissen en dergelijke. Ahja, ’t is een aquarium voor iets. Ik trok daar ook foto’s, maar die zullen voor een andere keer zijn.

We trotterden voor de rest nog wat door winkels van de Westhoek, kochten (letterlijk) liters Boeteling-bier, verdwaalden even op weg naar de Decathlon van Duinkerke en gingen ook nog met de hele schoonfamilie lekker eten in Tapa Tapa in Alveringem, een jaarlijkse afspraak.

De moeder, de petit copain en ikzelf kweekten ook een nieuwe verslaving: gezelschapspelletjes. Mastermind, Rummikub, Kolonisten van Catan (het kaartspel), Carcassonne, Hotel, Amazone, Uit de kunst, Oriënt Express en Levensweg passeerden deze week al de revue. Vandaag op het menu: Ongelukslaan 13. Oh yeah.

De petit copain en ik gingen ontbijt met bubbelen (Bongo Bongo Bongo) in Lier en dronken daar (nee maar!) bubbels en schnabbelden van een lekker bord vol heerlijkheden. 5 andere koppels deden net hetzelfde. Zo zie je maar, Bongoland, dat is een welvarende wereld.

Er komt ook niet meteen een einde aan de drukheid, want tussen de gezelschapspelletjes door steek ik mijn auto vol met kampeerspullen. Op het menu: 3 dagen Parijs met het ganse gezin (mama, papa, zus, schoonbroer én petit copain) + nog 1,5 weken Elzas voor mij en het vriendje. Laten we dus allemaal samen even hopen en een beetje bidden dat we de volgende twee weken eindelijk nog een beetje stralende zomer krijgen, zodat wij niet verpieteren op de camping. Dankuwel!

Gepost door: Ruth | 25 juli, 2011

Ruth ging naar de dokter.

Vrijdag. Ja, zelfs koppige steenezels moeten soms toegeven – en na anderhalve week heeft een mens toch eigenlijk geen excuus meer. Ik kreeg ontstekingsremmers van de dokter en kan nu (maandag) wel zeggen dat – hoera!- de knie al bijna geen pijn meer doet. Dus jullie hadden natuurlijk allemaal gelijk en ik had zoals gewoonlijk weer ongelijk. Hmpfr.

Eerste probleem: ik ga joggen op asfalt en blijkbaar mag dat niet. Daarmee bedoel ik dat dat wettelijk wel mag, maar als je je body op en top wilt houden, valt het blijkbaar af te raden. Mijn nieuwe hobby kreeg al meteen limieten opgelegd en daardoor vind ik de hobby ook al meteen veel minder leuk. Van de dokter moet ik nu ofwel a) in het bos gaan joggen of b) op de Finse piste gaan joggen bij het Bloso-centrum, wat eigenlijk ook een beetje in een bos ligt én betalend is. Blijkbaar kost dat niet veel, maar sporten is al zo afzien – waarom zou een mens daar dan voor willen betalen? Een ander probleem is dat het in een bos ligt. Ik heb The Blair Witch Project ooit gezien, dus jahaa, ik weet best wat er allemaal in bossen kan gebeuren! Die dokter zal mij niet liggen hebben! (Dat die film compleet fictie is, is bijzaak.)

Tweede, échte probleem: ik heb platvoeten. Ik wilde meteen een mopje maken à la “Allez, voor legerdienst zou ik afgekeurd zijn geweest” maar aangezien ik wil laten uitschijnen dat ik luister naar wat de dokter zegt (wat niet altijd het geval is, ik heb het concentratievermogen van een goudvis), heb ik mij maar ingehouden. Platvoeten, dat klinkt toch wel een beetje zielig, maar het verklaart wel waarom ik altijd scheef groei in mijn ballerina’s en snel rugpijn krijg wanneer ik lang moet recht staan. Dus mag ik een afspraak maken bij de orthopedist in het ziekenhuis en krijg ik steunzolen. En met die steunzolen mag ik dan gaan joggen. Nu is ons ziekenhuis niet zo bekend voor zijn snelle werkwijze en vrees ik dat ik nog zeer lang ga mogen wachten op die steunzolen. Damn.

Dienstmededeling aan Frank D.: Al dagen laat je onheilspellende weerkaarten op ons los, deelt ons mee dat de temperaturen toch wel laag zijn voor de tijd van het jaar en toont ons grijze wolkjes met witte bewegende streepjes eronder. Oeh-aah, dat kan toch niet! Het is juli! Wat is dat nu! En inderdaad, we kregen een paar van die zielige dagen. En het zou zo zielig blijven. Dus kijk Frank, een mens bereidt zich voor, neemt zijn voorzorgen en beslist om niet buiten te komen. Woensdag: zon. Zo rond 18u begon het wat te regen, maar de plantjes hebben ook water nodig, dus we klagen niet. Donderdag: nog meer zon. En zo rond 20u wat regen (wederom goed voor de plantjes, dus wederom, we klagen niet). Vrijdag: wel een beetje frisjes, maar heey, daar schijnt de zon, nog feller dan de vorige dagen. Dus euh, Frank, wat doen die regenwolkjes heel de tijd op jouw kaarten?

Eén van die voorzorgen was bijvoorbeeld het huren van Lost seizoen 6. De andere vijf seizoenen hebben we netjes uitgekeken op tv, seizoen 6 is ons een beetje ontglipt, wegens op zondagavond. En hoewel ik bij het tijdreizen zoiets had van “Ja, nu gaat het er echt wel over” – een mens wil uiteindelijk toch wel weten hoe de vork in de steel zit. Dus nu zitten wij, terwijl de zon eigenlijk schijnt, heel de tijd maar afleveringen van Lost te kijken, omdat 18 afleveringen zien in een tijdspanne van 3 weken toch wel nipt is. We hadden ook de samenvatting van 8 minuten en 15 seconden nodig omdat we absoluut niet meer wisten waar het eigenlijk over ging (who the fuck is Jacob? oeiamai, kon die Hurley met de doden spreken? waar komt diejen tempel plots vandaan? voetstandbeeld – oeps, hadden we dat al gezien?) en gelukkig hebben de moeder en ik elkaar ook nog voor de nodige geheugensteuntjes. Tv kijken, dat is soms echt denksport. Misschien toch maar af en toe in de zon gaan zitten met een vrouwenboekje – wat denk je daarvan, Frank?

Gepost door: Ruth | 17 juli, 2011

Ruth leerde lopen.

Misschien herinnert u zich nog wel dat ik aan mijn conditie werkte met Evy. Samen trokken wij 3 keer per week de baan op, liepen rondjes in de wijk waar mijn grootmoeder woont en luisterden naar een vreemde muziekmix à la Sylver, The Killers, Tom Jones, dEUS en dergelijke.

(Als aandachtige lezer moet het u al opgevallen zijn dat al mijn werkwoorden in de verleden tijd staan. Kan u al voorspellen wat gaat komen?)

Tijdens ons laatste les samen (afgelopen maandag, we hadden les 21 bereikt) zei Evy opeens, enthousiast zoals ze altijd is: “Voel je je nu geen echte atleet?!” Op dat moment voelde ik iets in mijn knie en dacht: “Oei ja, ze heeft gelijk, mijn eerste sportblessure is een feit.”

(En – is uw voorspelling uitgekomen?)

Dat was maandag. Het is nu zondag en ik geraak nog steeds amper de trap op. Ik herinner mij dat Evy ooit tijdens les 7 of 8 iets zei van: “Als de pijn langer dan twee dagen aanhoudt, moet je naar de dokter gaan.” – maar daar ben ik helaas te koppig voor.

Dus zit ik hier nu met mijn vingers te draaien en geïrriteerd te zijn en vooral, mijn knie te vervloeken. Want geloof het of niet, ik begon er plezier in te krijgen. En ik begon warempel een soort van conditie te krijgen. Maar omdat mijn knie dienst weigert, zit ik reeds een week thuis, te wachten tot de pijn weggaat.

De schoonbroer zegt: “Niks van aantrekken, door de pijn heen lopen, blijven joggen.”
Ik krijg dan beelden voor mijn ogen van etterende gewrichten en knieamputaties (eens een drama queen, altijd een drama queen) maar – nu even zonder overdrijven – door de pijn heen lopen lijkt mij noch een goed noch een gezond idee. Wat denkt u ervan, oh volleerde sportmens?

Kijk, sommige mensen houden van schoenen, ik hou van sjakossen (of ‘handtassen’, dat is het mooie woord, maar ‘sjakossen’ klinkt leuker). En kijk – wat voor mooie sjakos u op dit prentje ziet?

En kijk, kijk – Melissa Milis geeft in samenwerking met Pilgerbags zo’n prachtige sjakos weg. Kijk – daar gaan mijn oogjes echt van blinken. Dan moeten we toch meespelen, niet?

Gepost door: Ruth | 8 juli, 2011

Haarballen.

Bijna dagelijks staat er een harig schattig schepsel aan mijn raam, dat liefde nodig heeft. Mijn aantrekkingskracht is duidelijk niet te stuiten!

Maar ik denk toch niet dat de petit copain meteen jaloers moet worden.

Gepost door: Ruth | 30 juni, 2011

Hellup onder de heuvel.

De oorspronkelijke titel was ‘wildwaterbaan in de Kempen’, maar dan besefte ik dat de mensen zouden denken dat ik naar Bobbejaanland was geweest, wat nu ook niet meteen het geval was. Neen, dinsdagavond na 18u stoof ik in mijn hippe lichtblauwe Peugeot van 11 zomers oud richting Heist-op-den-Berg. Ik weet niet of u deze gemeente kent, maar het ligt in de Kempen en het ligt op een berg. Nogal logisch, gezien de naam, maar goed. Hoewel, logisch, officieel zijn er geen bergen in België, dus zou het eigenlijk Heist-op-den-Heuvel moeten heten, wat – geef toe – toch toffer en alliteratieachtiger (ja, ik vind nieuwe woorden uit) klinkt dan Heist-op-den-Berg, maar dat is mijn mening.

Enfin, we dwalen af. Zoals gewoonlijk.

Ik was dus in Heist-op-den-Berg (en niet Heist-op-den-Heuvel) toen de Apocalyps uitbrak. Apocalyps buiten, verzengende hitte binnen, sterf sterf sterf. Rond 20u verliet ik de verzengende hitte en trok ik de Apocalyps in, wat inhield dat ik met een klein parapluutje door de moesson moest ploeteren richting mijn auto. Dat in ballerina’s die niet in de solden waren gekocht en een licht blauw bloemenjurkje. Long story short: mijn hoofd bleef droog, al de rest was nat. En aangezien ik mijn paraplu moest dichtdoen voor ik in de auto kon stappen, werd ook het hoofd nat. Maar blijven glimlachen, radio hard, en boef boink knal, door de gietende regen en daverende bliksem reed ik de heuvel van Heist-op-den-Berg af.

Nu was ik tijdelijk vergeten dat al het water naar beneden stroomt – onder de berg, euh, heuvel. Op dit moment hebt u de clou waarschijnlijk al door en denkt u van: “Oh nee, die zottin was onder de berg!” Inderdaad, deze zottin was onder de heuvel (of naast de berg – ’t is dus hoe u het bekijkt). Want het ene moment reed ik nog gewoon onder de moessonregen, het volgende moment zat ik in de moessonregen. Met mijn hippe lichtblauwe Peugeot. Van 11 zomers oud. Onder de berg/heuvel. In de regen. Ergens in de verte zag ik een brandweerwagen komen aanrijden en ik dacht: “Jaaaa, de helden van de gemeente komen mij redden!” Maar neen, de helden van de gemeente haalden enkel oranje kegeltjes uit hun wagen om de straat af te sluiten. De straat waar ik al was. Neeeeee. Op zo’n moment is vertrouwen belangrijk – het vertrouwen tussen mij en mijn Peugeot van 11 zomers oud. En het besef van: “Hij is 11 zomers oud, als hij het niet haalt, heeft hij toch een mooie tijd gehad.” Dus we reden verder. Stapvoets. Door de watermassa. Radio op stil. Beetje bidden. Waterval over heel de voorruit en motorkap als er een bus van De Lijn voorbijrijdt. Nog een beetje sterven. Kijken naar de mensen op straat, want op dat moment staat heel het dorp water uit zijn huis te scheppen. Nog meer water. Komaan, Peugeotje, you can do it. Nog een vloedgolf als er een opgefokte Hummer voorbij knalt. Verder sterven. Je afvragen wanneer die hagelbollen van 5 cm dikte zullen verschijnen, want dat kan je nu wel missen als kiespijn. Kijken naar de mensen op straat, die terugkijken naar jou à la “Zottin, wat doet gij in dien auto!”. Nog meer water. Nog meer sterven.

En plots – geen water meer.

Alleen nog moessonregen uit de lucht, maar de baan was droog – of toch zo droog als een baan kan zijn tijdens moessonregen. Voor ik helemaal kon sterven, toch maar de radio terug op maximum draaien, niet naar de bliksem kijken en zo snel mogelijk naar huis rijden. Volgende keer toch maar gewoon naar Bobbejaanland gaan, denk ik.

Gepost door: Ruth | 25 juni, 2011

Ruth klungelt.

Nu kocht ik op de braderij afgelopen week een heel mooi jurkje. Zo eentje van Vila – zo eentje in ’t zwart (little black dress), met kant en broderie, knoopjes vanvoren, een rits aan de zijkant – zo eentje dat op de braderij bijna niks meer kost. Nu was ik daar zo blij mee dat ik dacht: we gaan daar een foto van trekken, want zo moeilijk kan dat niet zijn, iedereen doet dat.

Nu weet ik al langer dan vandaag dat ik soms toch eens 2x moet nadenken. Want er is, ten eerste, al niemand hier in huis die ik kan vragen om een foto van mij te trekken in mijn jurkje (of in elk geval toch niemand wie ik daar mee wil lastig vallen). Ten tweede hebben wij nergens een schone achtergrond in het huis – of ’t is te zeggen, wij hebben wel schone muren, maar daar staan telkens kasten en dergelijke voor. En als je dan, ten derde, een plekje vindt waarvan je denkt: “Aha!” dan moet je nog aan de overkant van dat schoon plekje een verhoging vinden waar je je fototoestel op kan zetten, op de zelfontspanner duwen (en hopen dat de kodak blijft rechtstaan) en naar je plaats hollen om er 10 seconden later fashionable en dun uit te zien. Bon, u begrijpt het al – dit alles is mij dus niet gelukt.

Wanhopig sluit een mens zich dan op in de badkamer (alwaar er veel felle lichten zijn) en doet pogingen.

Bij foto 10 kreeg ik een iet of wat degelijke foto van de bovenkant van het jurkje, die niet compleet inzoomde op mijn borsten (of mijn gebrek aan, dat kan je ook zeggen) en de knoopjes- en kantpracht toch een beetje vatte.

Bij foto 16 gaf ik het op om de onderkant van de jurk te trekken – aanschouw wazigheid.

Bij foto 19 besefte ik dat het waarschijnlijk ook wel netter zou zijn als ik de badkamer helemaal zou opruimen en die oude Dag Allemaal daar in de hoek zou wegmoffelen, maar kijk, bij poging 19 wil een mens helemaal niks meer, want mijn arm begon pijn te doen.

Nu zijn bij mij dus alle tips welkom voor het-degelijk-op-foto-krijgen-van-nieuwe-jurkjes, want het is duidelijk een gave die ik niet bezit of ergens een ingenieus systeem waar ik nog niet van op de hoogte ben. Hellup!

Gepost door: Ruth | 21 juni, 2011

Ruth leert lopen.

Sinds kort werk ik weer aan mijn conditie – samen met Evy. Wat zegt ze? Wéér? Hoe? Heeft ze dat dan al vaker gedaan? Is dat dan mislukt? Het antwoord is jajajajaja. Evy en ik, we go waaaaay back. Al in het voorjaar van 2008 trokken wij samen de straten op: ik al joggend, zij zoemend in mijn oor, als DJ en officiële aanmoedigster. Les 22 waren we geraakt – en toen sloeg het noodlot toe. (Ja, drama. Maar echt drama. Niks om mee te lachen.) Weg conditie. In september 2010 ondernam ik nog een poging: deze keer een echte, eentje die geld kostte, want die handige mp3-files waren nu niet meer zomaar downloadbaar, neen, er moest voor betaald worden. Uit ervaring weet ik dat ik als ik voor dingen betaal, ik meer moeite zal doen. (Zo heb ik een half jaar yoga gevolgd, dik tegen mijn goesting, maar betaald was betaald. Glimlachen dat ik deed die laatste les, mo how seg! Nooit meer zonnebloemgroet, nooit meer andereidiotegroet, en nooit meer idiote lesgeefman – voornamelijk de reden waarom ik yoga haatte: die mens had zelf een bierbuik van jewelste, had een elastisch meisje bij om de oefeningen voor te doen (als hij ze voordeed, viel hij om) en blafte iedereen af, waardoor ik meer stress nà de les had dan ervoor. Ik denk niet dat dat de bedoeling is bij yoga, maar goed. Bij deze sluiten we de haakjes.) Maar blijkbaar zat ik in september 2010 toch niet echt vol goede wil, en werd er afgehaakt na les 5. Zwak, zeer zwak.

Maar in mei 2011 begon de weegschaal wel heel grote getallen te vertonen, lieten de Mama en de petit copain allebei merken dat die vetkwab daar vanvoor aan de buik wel wat minder kon (als in: helemaal weg) en merkte ik dat ik toch wel zwaar zat te hijgen op de fiets als ik gewoon naar de bibliotheek ging. Dat is niet zo goed, neem ik aan, als je nog maar 24 lentes jong bent. Dus gingen we terug aan het downloaden, grepen we de loopschoenen weer van het rek en gingen Evy en ik weer de baan op.

Ondertussen zitten Evy en ik al aan les 12 – en dat vind ik flink van mezelf. Evy zegt ook heel de tijd dat ze mij flink vindt, maar ik betwijfel of ze ‘t meent, want Evy zegt dat tegen iedereen. De sloerie!

Oudere Berichten »

Categorieën

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.